voorlezen

Woezel en Pip 'Ik vind jou zo lief'

Duur

10 minuutjes 

Terrein / locatie / plaats

Binnen

Aantal deelnemers + leeftijd

10-15 + peuters (1,5-3j)

Aantal spelleiders/begeleiders

1

Ontwikkelings(deel)domeinen die hier gestimuleerd worden. Wees voldoende gedetailleerd!

Fysieke ontwikkeling:

Motorische: Peuters leren hun handen en ogen beter coördineren door boeken vast te houden, te bladeren of naar plaatjes te wijzen.

Sensorische: Door te kijken naar kleuren en plaatjes in boeken, leren ze hun ogen beter gebruiken. Bij voelboekjes leren ze ook met hun handen verkennen.

Cognitieve ontwikkeling:

Taal: Peuters leren nieuwe woorden en begrijpen wat ze horen. Dit helpt hen beter te praten en te begrijpen wat andere mensen zeggen.

Denken: Door naar verhalen te luisteren, leren ze om logisch na te denken en verbanden te leggen.

Socio-emotionele ontwikkeling:

Emotioneel: Peuters zien in boeken hoe personages zich voelen (blij, verdrietig, boos) en leren zo over hun eigen gevoelens.

Sociaal: Verhalen over vrienden en samenwerken helpen peuters begrijpen hoe ze goed met anderen om kunnen gaan.

Ervaringsgebieden:

  • Ik en de ander
  • Verkennen van de wereld
  • Communicatie en expressie

Materiaal + verantwoordelijke

Ik (Gaëlle) zorg dat ik het boekje meeheb om voor te lezen.

Schets inrichting speldomein (kies de juiste opstelling uit de bijlage op SMS of teken zelf mét legende)

Wie zet wat op voorhand klaar? (Verduidelijk eventueel in je schets)

er moet niks klaargezet worden

Spelregels

Schrijf de basisspelregels uit.

  • Maak het leuk en interactief: Gebruik verschillende stemmen en stel vragen over het verhaal.
  • Kies geschikte boeken: Boeken met veel plaatjes en herhaling
  • Creëer een rustige omgeving: Zorg voor een stille plek zonder afleiding.
  • Wees geduldig: Herhaal boeken en geef het kind tijd om te reageren.

Moeilijkheidsgraden

Noteer hier hoe je de spelregels kan vereenvoudigen en moeilijker maken voor de doelgroep (= drie moeilijkheidsgraden).

Makkelijk:

Vragen stellen aan de peuters bv wat is dit, wat heeft hij/zij aan?...

Gemiddeld:

Terwijl je aan het lezen bent stoppen en vragen 'wat denken jullie wat er ga gebeuren?'

Moeilijk:

De peuter zelf laten invullen wat er in het verhaal verder gebeurt

Uitleg van de activiteit (inleiding – midden – slot)

Zorg voor een creatieve inleiding (= op welke manier maak je de kindjes warm om deel te nemen aan je activiteit) en een creatief slot (sluit de activiteit op een leuke manier af).

Inleiding:

Begin met een korte inleiding om de peuter nieuwsgierig te maken:

"Vandaag gaan we een verhaal lezen over Woezel en Pip. Woezel is een hondje en Pip is een poesje. Ze zijn beste vriendjes en samen beleven ze veel avonturen. Dit boek gaat over hoe ze elkaar zeggen dat ze elkaar heel lief vinden. Ben je benieuwd?"

De kindjes bij elkaar halen

Midden:

Het verhaal voorlezen en de peuters er bij betrekken door vragen te stellen zoals 'wat zie je?', 'wat is dit?'…

Slot:

Afsluiten met een gesprek (wat vonden jullie ervan?)

Wie doet wat tijdens de activiteit?

Ikzelf lees het boekje voor en stel vragen aan de kindjes.

Wie voert de nazorg uit?

Ik zal het boekje opruimen en de kindjes gaan terug spelen.

Maak een gratis website. Deze website werd gemaakt met Webnode. Maak jouw eigen website vandaag nog gratis! Begin