ritmische activiteit
Dansen op muziek
Duur
10-15 minuutjes
Terrein / locatie / plaats
Binnen
Aantal deelnemers + leeftijd
Ongeveer 5 + oudste baby's/peuters
Aantal spelleiders/begeleiders
1
Ontwikkelings(deel)domeinen die hier gestimuleerd worden. Wees voldoende gedetailleerd!
Fysieke ontwikkeling:
Motorische: Dansen helpt peuters hun grove motoriek te ontwikkelen, zoals rennen, springen en balanceren.
Het stimuleert ook de fijne motoriek, zoals handbewegingen en voetcoördinatie.
Cognitieve ontwikkeling:
Concentratie en geheugen: Het onthouden van dansbewegingen of volgordes helpt het geheugen te ontwikkelen.
Peuters leren hun aandacht richten op een activiteit.
Socio-emotionele ontwikkeling:
Sociale: In een groepsomgeving leren peuters samenwerken, beurt afwachten en andere kinderen imiteren.
Emotionele: Door succeservaringen tijdens dansen groeit hun zelfvertrouwen en gevoel van eigenwaarde. Dans en muziek kunnen peuters helpen om emoties te verwerken en zichzelf te kalmeren of energie vrij te laten.
Ervaringsgebieden:
- Ik en de ander
- Lichaam en beweging
- Communicatie en expressie
Materiaal + verantwoordelijke
- Liedjes voor op de dansen (ik zorg daarvoor)
Schets inrichting speldomein (kies de juiste opstelling uit de bijlage op SMS of teken zelf mét legende)
Wie zet wat op voorhand klaar? (Verduidelijk eventueel in je schets)
Er moet niks klaargezet worden
Spelregels
Schrijf de basisspelregels uit.
- Geef vrijheid
- Luisteren
- Samen plezier maken
Moeilijkheidsgraden
Noteer hier hoe je de spelregels kan vereenvoudigen en moeilijker maken voor de doelgroep (= drie moeilijkheidsgraden).
Makkelijk:
Voor peuters die net beginnen met dansen.
Activiteiten:
Vrij bewegen op muziek: Laat ze springen, zwaaien, draaien of klappen.
Beweeg als een dier: "Dans als een olifant" of "Fladder als een vogel."
Stopdans: Laat de peuters dansen als de muziek speelt en stil blijven staan als de muziek stopt.
Focus: Spelenderwijs kennismaken met beweging en ritme.
Doel: Zelfexpressie, lichaamsbewustzijn en plezier.
Gemiddeld:
Voor peuters die bekend zijn met dansen en klaar zijn voor meer uitdaging.
Activiteiten:
Bewegingsimitatie: Doe eenvoudige bewegingen voor (klappen, stappen, zwaaien) en laat hen nadoen.
Ritmische patronen: "Spring twee keer en draai dan in het rond."
Focus: Coördinatie, ritmegevoel en concentratie.
Doel: Leren luisteren naar instructies en samenwerken.
Moeilijk:
Voor peuters met meer ervaring of die graag nieuwe uitdagingen aangaan.
Activiteiten:
Mini-choreografie: Combineer 3-4 eenvoudige bewegingen tot een kleine routine, zoals "Stamp, draai, klap, spring."
Samenwerking: Laat peuters samen dansen, bijvoorbeeld elkaars bewegingen spiegelen of in een kring dansen.
Tempo variëren: Laat ze op snelle en langzame muziek dansen, waarbij ze hun bewegingen aanpassen.
Focus: Geheugen, coördinatie en samenwerking.
Doel: Gecontroleerde bewegingen en ritmisch dansen met meer structuur.
Uitleg van de activiteit (inleiding – midden – slot)
Zorg voor een creatieve inleiding (= op welke manier maak je de kindjes warm om deel te nemen aan je activiteit) en een creatief slot (sluit de activiteit op een leuke manier af).
Inleiding
Ik zal beginnen met een korte uitleg: We gaan vandaag samen dansen! Het wordt superleuk.
Gaan jullie in een kringetje gaan staan?
Doe een eenvoudige opwarming: Schud je handen, spring zachtjes op en neer, draai een rondje.
Midden
Ik leg verschillende kinderliedjes op (Magadans, bumba stopdans,...) en we gaan samen dansen op de muziek.
Slot
Vragen wat de kindjes ervan vonden en ik zal ze vertellen dat ze het supergoed gedaan hebben.
Wie doet wat tijdens de activiteit?
Ik en kindjes dansen samen op de muziek
Wie voert de nazorg uit?
/